We hebben 🍪Cookies! Meer informatie
  • Meer informatie in ons Privacy Statement

Sluit
Sluit

Schrijver Yvon van Apeldoorn ging in gesprek met Sanne den Hartogh en sprak met hem over THE UNDERGROUND, de maskers die we als mens optrekken, en de kwetsbaarheid die ervoor nodig is om ze af te zetten.

NITE, Club Guy & Roni, HIIIT (voorheen Slagwerk Den Haag) en Asko|Schönberg brengen vanaf 8 februari het muzikale theaterspektakel The Underground naar de Nederlandse theaters. Een tragikomische, interdisciplinaire rollercoaster onder regie van Guy Weizman, die zich hiervoor liet inspireren door Dostojevski’s ‘Aantekeningen uit het ondergrondse’. Toneelschrijver Rik van den Bos schreef op basis van het boek een fenomenale hedendaagse tekst; een tierende monoloog van iemand die geen aansluiting meer vindt met de maatschappij en zich gedesillusioneerd terugtrekt in zijn eigen kleine wereld – een rol die meesterlijk wordt vertolkt door Sanne den Hartogh. 

The Underground is in 2022 te zien geweest als locatievoorstelling in de Sluisfabriek in Drachten en het Amsterdamse Bostheater. De voorstelling werd lovend ontvangen en leverde jou een nominatie op voor de Louis d’Or. Hoe is het om er nu mee de theaters in te gaan?

“Ja, heel leuk, ik heb er zin in! De voorstelling is een beetje kleiner gemaakt en dat is lekker, want als speler heb je dan ineens óver; je hoeft minder energie te steken in het vullen van de ruimte. Wat ik ook leuk vind is dat we met een catwalk gaan werken, die het publiek in gaat. Want een nadeel van het spelen in de grote zaal vind ik altijd dat je in zo’n schilderijlijst staat. Dat is een beetje gedateerd, zo’n scheiding tussen het publiek en de fictie, alsof die niet mogen mengen. Die catwalk doorbreekt dat en het past ook goed, omdat mijn personage zich met zijn monoloog direct tegen het publiek richt.”

“Deze nieuwe versie is een beetje kleiner gemaakt en dat is lekker, want als speler heb je dan ineens óver..” 

De monoloog is geschreven door Rik van den Bos, heb jij je met het schrijfproces bemoeid?
“Ja, ik heb een metrum in de tekst aangebracht. Ik heb het een soort van ritmisch gemaakt, in de wetenschap dat er voortdurend muziek achter zit. Het kostte me daardoor nu ook weinig moeite om de tekst opnieuw te leren. En ik heb hier en daar wat woorden toegevoegd die ik zelf leuk vind. Een vriend zei eens, nadat hij erg dronken was geweest, dat hij ‘helemaal begaaid was’. Dat vond ik zo’n goed woord: begaaid. Dus toen hebben we van de club, waar een groot gedeelte van de voorstelling zich afspeelt, een ‘begaaide club’ gemaakt. Ik weet niet eens wat het letterlijk betekent, maar alleen al aan de klank hoor je dat het om een enigszins verragde club gaat.”

De voorstelling heeft een circusachtige sfeer en er is een clown. Waar kwam dat idee vandaan?
“Toen Guy me vroeg voor deze rol vond ik dat geweldig maar ik dacht ook: wéér zo’n treurig persoon. Ik had een beetje mijn buik vol van het spelen van boze, getormenteerde figuren, dat had ik al heel vaak gedaan en was daardoor langzamerhand in die typecast terechtgekomen. Terwijl ik andere dingen ook heel leuk vind, het is niet zo dat ik nou zo’n tragische inborst heb van mezelf.

Dus stelde ik voor om van het hoofdpersonage een clown te maken. Guy kwam toen met het idee om Bram de Laere erbij te vragen, een professionele clown uit België. Tijdens het repeteren zagen we dat het heel mooi was als hij mijn alter-ego zou verbeelden, een zachtere, positievere kant van mijn personage, de stem die temidden van de boosheid zegt: probeer het toch nog maar een keer.”

“Het nieuwe decor, een catwalk die de zaal in gaat, doorbreekt de scheiding tussen publiek en fictie en dat past goed, omdat mijn personage zich met zijn monoloog direct tegen het publiek richt.”

Na je afstuderen aan de Amsterdamse Toneelschool in 2004 heb je stevig carrière gemaakt. Je speelde vele (hoofd)rollen bij onder andere Toneelgroep Amsterdam, Theater Oostpool en Het Zuidelijk Toneel, je deed jarenlang mee met De Vloer Op en was te zien in televisieseries en films. Maar in 2018 stopte je ineens met acteren. Wat gebeurde er?  

“Ik had jarenlang drie of vier producties per seizoen gedaan, op een bepaald moment was ik gewoon leeggespeeld. Ik legde de lat altijd heel hoog, dat had er ook mee te maken. En op een bepaald moment ging ik dat perfectionisme ook verleggen naar anderen. Dan snapte ik de regie niet, bijvoorbeeld. En omdat het niet mijn taak was om me daarmee te bemoeien hield ik dat binnen, en dat is ongezond. Inmiddels kan ik die dingen beter relativeren.  

Ik ben een paar jaar iets heel anders gaan doen. Ik ben gezinnen gaan helpen die in armoede leven en vrijwilliger geworden bij een inloophuis voor daklozen. Ik hou van het contact met anderen, vooral met mensen die ik niet ken vanuit mijn eigen sociale context. Het is heel tof als het lukt om een gelijkwaardig gesprek te voeren, waarin het niet meer gaat over dat jij de luxe hebt om vrijwilligerswerk te doen en zij het heel hard nodig hebben om even warm binnen te zitten en een boterham te eten. Als je dat verschil kan laten wegvallen en er een gesprek ontstaat van mens tot mens, dan voelt dat heel tof.”

Je bent (gelukkig) toch weer gaan acteren. Sinds 2022 maak je deel uit van het vaste ensemble van NITE. Hoe is dat?
“Ik was benieuwd of ik weer echt geïnspireerd zou raken om te spelen. Maar dat is gebeurd, gelukkig. Ik voel me hier heel erg op mijn plek. Wat ik heel fijn vind is dat ik me naast acteren ook wat meer mag richten op zelf dingen maken. Ik regisseer bijvoorbeeld Bab Ad-Daar, het platform voor nieuwkomers, daar kan ik echt mijn tanden in zetten.

Ik vind dat NITE supertoegankelijk werk maakt; ik zou mijn hele familie hier kunnen uitnodigen, er is een goede combinatie van relevante inhoud en amusement. Ik geloof nog steeds heel erg in de kracht van theater. Omdat het zo analoog is en live voor je ogen gemaakt wordt. Daar kan niks tegenop kan, uiteindelijk. Maar…”

Maar?
“Er ligt een flinke taak om mensen meer naar het theater te krijgen. Ik ervaar wat ik doe nooit als elitair – dat komt misschien omdat ik dus elitair bén, dat ik het niet meer zie – maar er is een grote groep mensen voor wie de drempel om zo’n gebouw te betreden heel hoog is. En er is tegenwoordig ook veel concurrentie, van Netflix en Amazon enzo. Ik snap dat, ik vind zo’n serie bingen ook heerlijk. Ik begrijp ook dat mensen makkelijker naar de bioscoop gaan dan naar het theater. Het is een minder groot risico, je weet wat je kunt verwachten. Het theater is twee keer zo duur en daar krijg je misschien iets te zien wat je niet kent en waar je over na moet denken. Er zijn veel mensen die dat niet durven of niet willen … en dat is hun goed recht natuurlijk. Maar het is wel jammer. Want kunst is zó belangrijk. Kunst vernieuwt en loopt vooruit. Alles wat we hebben is ooit begonnen met kunst. Ook een kledingstuk bij de H&M is gebaseerd op iets dat ooit is ontworpen door een designer. Ik denk dat het essentieel is voor een samenleving, dat er een gezond kunstklimaat heerst. Zonder kunst, goede boeken, musea, theater – die dingen die de samenleving kleur geven – hou je een vlakke samenleving over. Maar het is moeilijk om dat hard te maken, als mensen niet zien dat kunst een relatie heeft met hun leven.”

Is dit ook waar de hoofdpersoon in The Underground tegen fulmineert? Kun je je in hem herkennen?
“Ik ben geen kluizenaar en niet ongelukkig, ik heb een rijk sociaal leven waar ik heel blij mee ben. Maar ik snap wel wat hij zegt en ik begrijp zijn frustraties. Een van de dingen waartegen hij ageert zijn de maskers die mensen optrekken. Daar kan ik persoonlijk heel erg aan refereren. Ik denk dat de grootste problemen tussen mensen, op elke schaal, voortkomen uit angst en onzekerheid en aan het gebrek aan inleving in de ander. Iemand die het arrogantst op je overkomt kan de onzekerste zijn, toch? En als je dan niet verder kijkt en stopt bij alleen maar een arrogant iemand zien, dan krijg je dus domme botsingen. 

Ook in dit vak; ik kwam het vaak tegen, toen ik als freelancer steeds met nieuwe groepen werkte. De eerste repetitieweken gaan heel erg over de bereidheid om jezelf te laten zien, omdat je snel samen moet werken en vertrouwen moet creëren. En als je dan dus pech hebt zijn er mensen bij die enorm hoog van de toren blazen, omdat ze zich niet durven te openen en zich verstoppen achter een masker. 

Ik vind het soms echt een vermoeiend volk, joh. Dat zegt ook veel over mij, maar het heeft me een hele tijd gekost om mijn draai te vinden in deze wereld. Tegelijk zijn het ook juist heel léúke mensen. Omdat ze de drang hebben te ontsnappen aan de realiteit en verbeelding te creëren voor het publiek.”

Nooit meer iets missen en een reminder ontvangen als we in de buurt zijn? Vul je gegevens in en we mailen je

Met het opgeven van mijn e-mailadres geef ik toestemming om op de hoogte gehouden te worden via e-mail over de voorstellingen en activiteiten van NITE + Club Guy & Roni.